Door Newid B.V. · Inhoudelijk bijgewerkt op 10 september 2026

AI-verordening

Wat artikel 4 wel en niet van je vraagt

De AI-geletterdheidsplicht wordt op veel plaatsen groter gemaakt dan hij is. Dit is wat er staat, sinds wanneer, en wat er in juli 2026 is veranderd.

Inhoudelijk bijgewerkt op 10 september 2026. Regelgeving verandert. Controleer daarom welke regels en overgangstermijnen voor jouw situatie gelden.

Sinds begin dit jaar krijgt vrijwel elke ondernemer en bestuurder dezelfde boodschap te horen: de AI-verordening komt eraan, er geldt een AI-geletterdheidsplicht, en er staan boetes op tot 15 miljoen euro. Die boodschap is deels waar en deels niet, maar de verschillende verplichtingen en ingangsdata verdienen een nauwkeuriger uitleg.

  1. 2 feb 2025

    Artikel 4 geldt:

    AI-geletterdheid

  2. 27 jul 2026

    Omnibus: van garanderen

    naar inspannen

  3. 2 aug 2026

    Artikel 5 en 50:

    verboden, transparantie

  4. 2 dec 2026

    Uitloop markering

    bestaande systemen

  5. 2 dec 2027

    Hoog-risico,

    bijlage III

  6. 2 aug 2028

    AI als veiligheids-

    component

Wat artikel 4 zegt

Artikel 4 vraagt aanbieders en gebruiksverantwoordelijken maatregelen te nemen die de ontwikkeling van AI-geletterdheid ondersteunen. De aanpak houdt rekening met kennis, ervaring, opleiding en de gebruikscontext. Er wordt geen specifiek individueel niveau voorgeschreven.

Dat geldt voor elke organisatie die AI professioneel inzet. Ook als je alleen ChatGPT of Copilot gebruikt. Er is geen ondergrens voor bedrijfsgrootte en geen uitzondering voor eenvoudige toepassingen.

Sinds wanneer

Sinds 2 februari 2025. Dat is de belangrijkste correctie op wat je waarschijnlijk hebt gelezen. De datum van 2 augustus 2026 die overal opduikt als start van de geletterdheidsplicht is niet de datum waarop deze verplichting inging. Die verplichting loopt al ruim anderhalf jaar.

Praktisch gevolg: als je hier nog niets aan hebt gedaan, ben je niet te vroeg maar te laat. Dat is minder dramatisch dan het klinkt, want de verplichting vraagt om maatregelen die passen bij het gebruik van AI in je organisatie.

Wat er op 27 juli 2026 is veranderd

Met de inwerkingtreding van Verordening (EU) 2026/1744, in de wandelgangen de Digital Omnibus, is de tekst van artikel 4 aangepast. De verplichting is verschoven van zorgen voor voldoende AI-geletterdheid naar het nemen van maatregelen die de ontwikkeling van AI-geletterdheid ondersteunen, rekening houdend met kennis, ervaring, opleiding en gebruikscontext.

Van garanderen naar inspannen, dus. Dat is een verzachting en geen aanscherping. In dezelfde wijziging zijn de verplichtingen voor zelfstandige hoog-risicosystemen uit bijlage III doorgeschoven naar 2 december 2027, en die voor AI als veiligheidscomponent van een product naar 2 augustus 2028.

Wat er per 2 augustus 2026 wel geldt

  • De transparantieverplichtingen uit artikel 50. Mensen moeten weten wanneer ze met een AI-systeem communiceren, en kunstmatig gegenereerde of gemanipuleerde inhoud moet als zodanig herkenbaar zijn.
  • De verboden praktijken uit artikel 5 gelden al sinds 2 februari 2025.
  • De verplichtingen voor aanbieders van AI-modellen voor algemene doeleinden.
  • Voor systemen die al vóór 2 augustus 2026 op de markt waren, geldt voor machineleesbare markering van output een uitloop tot 2 december 2026.

En die boetes van 15 miljoen

De boetecategorieën in de verordening zijn echt, maar ze hangen aan andere bepalingen. Aan artikel 4 hangt geen eigen boetecategorie. Wie je een bedrag voorhoudt om je tot een training te bewegen, zou moeten kunnen zeggen aan welk artikel dat bedrag is gekoppeld. Vraag daarnaar.

Dat betekent niet dat artikel 4 vrijblijvend is. Als er iets misgaat met AI in je organisatie, is de vraag wat je eraan hebt gedaan wel degelijk relevant, richting toezichthouders, verzekeraars, opdrachtgevers en in het geval van zorg richting inspectie en zorgverzekeraars. Alleen is de goede reden om het te regelen dat het je organisatie iets oplevert, en niet dat er een boete dreigt.

Wat je concreet zou moeten doen

  • Breng in kaart wie in je organisatie AI gebruikt en waarvoor. Vrijwel altijd meer mensen dan je denkt.
  • Bepaal per rol wat iemand moet weten en kunnen. Een medewerker die klantteksten schrijft heeft iets anders nodig dan iemand die persoonsgegevens verwerkt.
  • Zorg voor scholing die daarbij past en leg vast wie wat heeft gevolgd.
  • Maak afspraken over wat er wel en niet in een AI-systeem mag, en zorg dat mensen die afspraken kennen.
  • Evalueer periodiek, want zowel de tools als de regels veranderen.

Dat is het. Geen certificering, geen audit, geen extern keurmerk. Wel iets waar je een half jaar later nog naar moet kunnen wijzen.

Wij zijn geen juristen. Dit artikel is bedoeld om je een accuraat beeld te geven van wat er speelt. Voor de juridische beoordeling van je specifieke situatie moet je een jurist raadplegen. Wij begeleiden de organisatiekant: de keuzes, de afspraken, de scholing en het vasthouden.

Bronnen. Verordening (EU) 2024/1689 (AI-verordening), artikel 4, artikel 5, artikel 50 en artikel 113; Verordening (EU) 2026/1744 (Digital AI Omnibus), in werking getreden 27 juli 2026; analyses van de omnibuswijziging door White & Case en Gibson Dunn. Inhoudelijk bijgewerkt op 10 september 2026.

Begin met de AI-scan

Twee tot drie weken. Wij kijken mee, spreken je mensen, en vertellen je wat er nu werkelijk gebeurt met AI in je organisatie, wat het oplevert en waar het misgaat. 3.500 euro, volledig verrekenbaar als je doorgaat.

  1. Week 1

    Meekijken, mensen spreken,

    zien wat er nu gebeurt

  2. Week 2

  3. Rapport

    De vijf kansen die

    het meeste schelen

  4. Jouw keuze

    Ga je door, dan is de scan

    verrekend met het vervolg

Bespreek de AI-scan